Heb je Les 2 in Mijn eerste Spijkerschriftboek gelezen? Dan kun je hier je digitale schrijversproef doen.
In je boek ontdekte je hoe een schrijver met een rietstift in zachte klei kon schrijven. Nu ga je zelf onderzoeken hoe dat werkt.
Een goede schrijver kent zijn gereedschap. Ontdek welk gereedschap bij een Mesopotamische schrijver hoort en waarom een rietstift zulke bijzondere indrukken in klei kan maken.
Je staat in een schrijversschool. Voor je liggen vier gereedschappen. Welk gereedschap past bij het schrijven in zachte klei?
Veel indrukken in spijkerschrift hebben een wig- of spijkervorm. Klik op de drie wiggen in de juiste volgorde: 1 β 2 β 3.
Klik de stappen in de juiste volgorde. Een jonge schrijver begint met de klei en eindigt met een tablet waarop de indrukken zijn gemaakt.
Je hebt ontdekt hoe belangrijk het schrijfgereedschap van de Mesopotamische schrijver was.
RIETSTIFTKENNER
Je kent nu het belangrijkste gereedschap van de schrijver.
π Ga nu terug naar je boek en begin met Les 3.
Dit teken leer je verderop echt gebruiken. Onthoud het alvast: π = A.